Dat niets

Dat

niets


je meer kon bekoren

helemaal niets


Dat woorden

langs je afgleden

als regendruppels op je huid


Dat je de liefde van het leven

voor jou

niet voelde

hoe wanhopig ook het verlangen


Dat

mijn uitgestoken hand

je hier te houden

elke keer, steeds opnieuw, weer


Dat nu

waarom toch


Verzilt de onmacht

in verdriet om jou


Dat alles is gedaan

de razende storm trotseren

elke keer, steeds opnieuw, weer

moe, zo moe, gebroken


dat

je het leven teruggeeft